Journalcommissie
De Journalcommissie (afgekort Journalco, hoofdlettergebruik varieert) is de naam van de commissie die samen werkt naar het uitbrengen van de TaTanukiKi (afgekort TTKK of Journal, ook vaak de Tanuki genoemd) in een bestuursjaar. Een Journal heeft als doelpubliek studenten Japan- en Koreastudies (die lid zijn van Tanuki) aan de universiteit Leiden. Normaliter verschijnen er vier nummers per jaar in verband met puntentoekenning aan het bestuur. Hoe deze journals over het jaar worden verdeeld wordt samen met de Assessor Intern tijdens de eerste voorzittersvergadering in september vastgesteld. Bij oponthoud zal er altijd geschoven kunnen worden in de planning, maar dit gaat altijd in samenspraak met de Intern en in groot het bestuur. Het is wel de bedoeling dat je voor september van het volgende studiejaar 4 normale edities hebt uitgebracht. De voorzitter van de commissie (commissievoorzitter of ook commissaris) doet dit werk vrijwillig, maar krijgt wel een commissiebedankje of een commissie-uitje op het einde van het academisch jaar. Overigens net zoals de leden van de commissie. Goed om te weten is dat de voorzitters en leden wel aanwezig moeten zijn op de ALV’s (twee per studiejaar) om kans te maken op het commissiebedankje of commissie-uitje. Of zij moeten zich tijdig afmelden met een goede reden.
Naast de 4 gewone journals wordt er normaal gesproken ook een kampjournal uitgebracht aan het begin van het jaar. Deze is speciaal bedoeld om op het eerstejaarskamp in september te worden uitgedeeld. Het dient twee doelen. Ten eerste wordt de journal uitgedeeld aan de leden om hun kennis te laten maken met de journal en de verschillende activiteiten die binnen Tanuki worden georganiseerd. Ten tweede vormt het een inwerkopdracht voor de nieuwe voorzitter die hiermee kan oefenen met het online designprogramma. Alle artikelen in deze journal zijn namelijk hergebruikte stukken uit vorige journals. Dit omdat op dat moment de commissie nog niet is gevormd en er dus nog niks nieuws geschreven kan worden en omdat het vooral om het oefenen van het vormgeven gaat en niet het schrijven van artikelen.
